Mad Rock rubber: welk mengsel zit waar in je klimschoen?
Bij een klimschoen let je op de vorm, de neerwaartse punt, de stijfheid. Maar helemaal onderin, tussen je voet en de greep, telt maar één ding: het rubber. Dat plakt op het trapje, of het laat je los. Dat slijt poging na poging. En dat brengt je het seizoen door, of het is na twee maanden doorgesleten.
Waarom dan een heel artikel over rubber? Omdat Mad Rock er álles op inzet. Waar veel merken hun rubber bij een fabrikant inkopen, ontwikkelt Mad Rock het zelf — vier eigen mengsels, gegoten in Californië. Als het op klimschoenrubber aankomt, doen ze iets wat weinig merken doen: alles in eigen huis. Dat is geen detail — zo werkt Mad Rock nu eenmaal.
Hieronder lees je welk rubber waar zit, en waarom het zo lang meegaat. Geen marketingverhaal, gewoon dit: wat zit er onder je voet, en wat heb je eraan?

Vier eigen rubbermengsels
Waarom vier mengsels en niet gewoon één? Omdat je van rubber twee dingen vraagt die elkaar tegenspreken. Zacht rubber volgt de vorm van de greep en plakt beter, maar het slijt snel. Stevig rubber houdt een scherpe rand en gaat lang mee, maar bijt minder op glad gesteente. Eén rubber kan niet allebei. Daarom stemt Mad Rock het per zone af — op wat elk deel moet doen.
Mad Rock maakt vier eigen rubbermengsels, en elk heeft zijn eigen taak. Niet één rubber dat overal wordt uitgesmeerd, maar het juiste rubber op de juiste plek. Even kort langs alle vier.
Science Friction 3.0 is het hoofdrubber. Dit zit onder de zool en op de gevormde onderdelen — het rubber dat de greep echt raakt. Hier komen we zo op terug.
Science Friction R2 is het rubber van de rand: de strook van 1,8 mm die rondom de schoen loopt. Die raakt de greep niet. Hij zorgt voor de pasvorm — geeft precies genoeg mee, zodat de schoen als een sok om je voet sluit. Mad Rock gebruikt de R2 ook op de rand van de hiel, en daar zit een reden achter. Een hiel die in hard rubber gevangen zit, werkt tegen je bij een heel hook. De R2 laat de hiel meebewegen, als een handschoen.
Xtreme Friction is het zachtste van de vier. Het zit op grip-zones zoals de neus van de Remora Pro, precies waar je je toe hooks maakt. Hoe zachter het rubber, hoe beter het zich om een volume of randje vouwt.
Perma is juist harder en mikt op één ding: zo lang mogelijk meegaan. Dit rubber vind je op andere modellen uit de lijn, niet op het trio waar we het hier over hebben. Mad Rock maakt de Perma ook in non-marking varianten — geen zwarte strepen op de resingrepen. In een drukke boulderhal waarderen de beheerders dat.
Vier mengsels, verdeeld over de hele schoen — niet alleen de zool. Dat is precies waar Mad Rock zich onderscheidt: bij de meeste merken zit het slimme rubber alleen onderaan.
Science Friction 3.0 — de hoofdrol
De Science Friction 3.0 doet het echte werk. Dit rubber zit onder de zool van alle drie de HV-modellen: de Drone 2.0, de D2.ONE en de Remora Pro. Het is de laag die de greep en het trapje raakt — waar alle grip doorheen loopt.
Je vindt dit rubber trouwens niet alleen platweg onder de zool. Het zit ook op de gevormde onderdelen: de 3D-hiel, de holle zool, de gevormde neus. Overal waar de schoen contact maakt, ligt hetzelfde mengsel. Dat is bewust — de plek die de rots raakt, verdient het beste rubber.
Mad Rock maakt het in Californië. De derde generatie is stickier, tougher, smarter — meer grip, sterker en slimmer dan de vorige mengsels. In de praktijk betekent dat twee dingen tegelijk — het plakt goed én het gaat lang mee.
Wat maakt dat rubber sterker? Twee eigenschappen. Meer weerstand tegen scheuren, en meer vormgeheugen: het mengsel onthoudt zijn vorm. Waar zacht rubber na een tijd uitgerekt en dood aanvoelt, blijft dit rubber terugveren. En dat zonder lange inloopperiode — je hoeft er niet eerst weken op af te zien. Precies die twee dingen, grip en levensduur, worden je meestal verkocht als onverenigbaar.
Waarom rubber dat lang meegaat telt
Nu het argument dat op je portemonnee telt: levensduur. Veel zacht rubber van de concurrentie is na één tot drie maanden hal doorgesleten op de punt. De resingrepen in de boulderhal zijn ruw en vreten zacht rubber snel weg.

De Science Friction 3.0 houdt het langer vol. Bij ons zien we zes tot twaalf maanden voordat de punt doorslijt. Dat is geen belofte van het merk, maar wat wij bij shopclimbing zelf vaststellen. Sta je drie keer per week in de boulderhal, dan is dit hét argument.
Buiten op de rots ligt het net anders. Op glad, afgesleten kalksteen — denk aan een wintertrip naar de Costa Blanca — draait alles om grip, en daar smeert de Science Friction 3.0 mooi. De keerzijde: buiten slijt rubber sneller dan in de hal. Maar ook dan houdt dit mengsel het langer vol dan een zachte concurrent. Waar de een na twee maanden op is, tikt de Science Friction 3.0 het dubbele of driedubbele aan.
Reken het maar uit. Een rubber dat drie tot vier keer langer meegaat, betekent minder vaak verzolen en minder uitgeven per jaar. Dat is geen getal op een productblad — dat is gewoon je budget.
Waar zit welk rubber?
Loop je een schoen zone voor zone langs, dan zie je de logica. Onder de zool, bij alle drie de modellen, zit de Science Friction 3.0 — grip en een scherpe rand in één. Rondom de schoen loopt de R2-rand: die raakt de greep niet, maar houdt je voet strak op zijn plek.
Op de neus zit het verschil per model. De Remora Pro krijgt daar Xtreme Friction, het zachtste rubber, precies op de zone waar je je toe hooks maakt. De Drone 2.0 en de D2.ONE houden daar de stevigere Science Friction 3.0, want die modellen werken ook buiten op de rots.
Wat de drie verder onderscheidt, zit niet in het rubber maar in de tussenzool. Stijf bij de Drone, hybride bij de D2.ONE, zacht bij de Remora Pro. De rubberbasis blijft hetzelfde. Geen toeval dus, maar bewuste keuzes per zone.
Nog iets wat de levensduur bepaalt: hoe het rubber vastzit. Op klassieke schoenen worden de rubberstukken op de neus met de hand gelijmd. Wat zo'n schoen vaak sloopt, is delaminatie — het rubber laat los, meestal precies op de neus. Mad Rock giet de voorvoet in één stuk onder druk. Geen lijmnaad, niets dat loslaat. De kracht gaat direct van je voet naar de zool, en het paar gaat een stuk langer mee.

Mickaël Mawem draagt alle drie de modellen — de een voor de hal, de ander voor de rots in Font. Zo klimt hij elke keer op precies het rubber dat bij die dag past.
Verzolen met origineel Mad Rock-rubber
Rubber gaat lang mee, maar op een dag is het op. Dan slijt de punt door en verlies je grip op het trapje. De gouden regel: laat verzolen vóórdat je door de punt heen bent. Zit er eenmaal een gat in, dan ben je te laat.
Handig detail: de grijze rubberlaag op de neus werkt als slijtwijzer. Komt het zwart eronder tevoorschijn, dan weet je dat het tijd wordt. Geen giswerk meer halverwege een poging.
Belangrijk is wél mét welk rubber je laat verzolen. Veel werkplaatsen monteren standaardrubber — Vibram, Stealth, wat er ligt. En dan krijg je niet dezelfde schoen terug. Bij shopclimbing verzolen we je klimschoenen met het originele Science Friction 3.0-rubber, zodat de schoen weer als vanouds werkt.
Reken je het door, dan klopt het plaatje. Een rubber dat een jaar meegaat, plus één keer verzolen met origineel rubber: twee jaar klimmen voor de prijs van één goede schoen. Beter voor je portemonnee én voor het milieu.
De modellen met Science Friction 3.0
Drie modellen, hetzelfde rubber onder de zool. Kies op hoe je klimt:
- Overhang, dak, hard boulderen → Mad Rock Drone 2.0 HV. De stijfste en krachtigste van de drie.
- Eén schoen voor alles → Mad Rock D2.ONE HV. De allrounder, als je er maar één koopt.
- De hal, volumes, gevoel en comfort → Mad Rock Remora Pro HV. Het zachtste model van de drie.
Alle drie zijn HV-modellen — High Volume, voor een brede voet en een hoge wreef. Wil je het hele overzicht, kijk dan in onze gids over de Mad Rock-klimschoenen, of blader meteen door de klimschoenencollectie. Het rubber van Mad Rock is geen marketingpraat, maar een systeem — en onder de zool werkt hoe dan ook hetzelfde mengsel. Rubber dat blijft plakken én blijft zitten.